76
Og björnen blev en ridder bold,
sin faders land fik han i vold.
1)
Een overeenkomstig geval vinden wij in een ander Deensch lied, getiteld
Haevnersvaerdet
(Het wrekerszwaard). Ridder Peder, die den koning van
Denemarken met zijn gezinde heeft vermoord, doet boete door zich ijzeren banden
te laten smeden om lendenen, hand en voet. Daarna neemt hij den pelgrimsstaf ter
hand en trekt naar het Heilige Graf. Daar vindt hij geen verlossing; doch, als hij over
des konings graf gaat, springen de ijzeren banden af:
36 Hr. Peder gik sig til Smedje,
lod slaa sig Jaern om Midje.
37 Han lod slaa sig Jaern om Haand og Fod,
for han vilde gange af Landet ud.
38 Saa tog han sig Pilgrimsstav i Hand.
Saa for han sig saa vide om Land.
39 Han för sig over Ørsels Hav,
og han gik til den hellige Grav.
40 Ikke da kunde han fange Bod,
og end sad ham Jaern om Haand og Fod.
41
Saa vel hej!
Hr. Peder han ganger over Kongens Grav:
alle da sprang ham Jaernen af.
Velan! vel over at ride!
2)
Vermoedelijk zal men de hier besproken ijzeren banden moeten beschouwen als
een verzinnelijking van de macht, door een of ander bovennatuurlijk wezen over
een mensch uitgeoefend. Is die beschouwing juist, dan heeft de dichter van
Mariken
van Nieumeghen
zich van een heidensch motief bediend en dat verchristelijkt.
Het komt mij niet waarschijnlijk voor, dat er verband be-
1) Danske kaempeviser ..... af N.F.S. Grundtvig. Andet Oplag. København 1875 p. 176-'7.
2)
Danmarks Folkeviser i udvalg ved Svend Grundtvig
(1882) p. 39.
Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 34
Commenti su questo manuale