238
Onder ‘zes dozinen tentenellen’ heeft men dan vermoedelijk te verstaan: zes dozijn
planten of kruiden van dien naam; verg. b.v. ‘een duust caerden’ in
Zeeuwsch-Vlaamsche Bijdr. 5, 59.
Leiden.
R. VAN DER MEULEN.
58. Sunter.
De opvatting van Vercoullie, dat alleen populaire heiligennamen voorafgegaan
worden door ‘sinter’, wordt in het Gronings bevestigd, waaruit dan tevens blijkt, dat
het ‘sintergebied’ zich nog verder naar het Noorden uitstrekt dan in zijn artikel
ondersteld werd. (Zie Deel XXXIV van dit tijdschrift, blz. 32-34). -
1)
In de Groninger volkstaal zijn er maar heel weinig heiligen overgebleven en dat
nog wel alleen door zeer vast ingeworstelde landbouwgebruiken. Zo heette het van
ouds:
Mit
Sunt-Jan
(24 Juni)
Slagt de eerste maaier an.
Ook
Sunt-Grait
(29 Juli) is blijven leven in het ketterse land, maar meest onder haar
minder heiligen naam Pis-Grait, omdat haar dag bekend staat als de regendag bij
uitnemendheid.
Verder kennen de boeren nog
Sunt-Gories
(12 Maart),
Sunt-Pait in Sunt-Paul
(29
Juni) (= Petrus en Paulus) en
Sunt-Jopk
, (25 Juli).
Populair zijn ze echter geen van allen. Dit is alleen het geval met
Sunter-Meerten
en met
Sunter-Nijkloas.
S. Maarten was de schutspatroon van de stad en de meest
1) Ook in Oost-Friesland zijn
Sunderklaas
en
Sundermarten
(
Sunnermarten
) gewoon. De vorm
Sinterklaas
, met allerlei gewestelijke wijzigingen, schijnt in het grootste deel van ons land
bekend te zijn (althans in sommige kinderrijmen), en eveneens hier en daar in Westfalen en
de Rijnprovincie.
Sintermaarten
(
Suntermerten
enz.) komt b.v. ook voor te Hattem en Elburg
en in Limburg. - Bij de door Vercoullie reeds genoemde heiligennamen met
sinter
kan nog
gevoegd worden
Sintervaas
(voor
St. Vaas
,
St. Servaas
) te Maastricht.
Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 34
Commenti su questo manuale