Ansel VS211 Manuale Utente Pagina 46

  • Scaricare
  • Aggiungi ai miei manuali
  • Stampa
  • Pagina
    / 321
  • Indice
  • SEGNALIBRI
  • Valutato. / 5. Basato su recensioni clienti
Vedere la pagina 45
45
2. In de zinnen met ‘ne’ als tusschenstuk staat bijna altijd een pronominaal subject
(van de 81 in 65 gevallen).
3. Bij het schema S...V. komen 4 zinnen met
samengesteld
praedicaat voor op
56 gevallen (= 7%).
Bij het schema S... V... 37 van de 87 (= 40%).
Hieruit volgt dus evenals bij de zinnen met aanloop, dat het hulpwerkwoord het
zinseinde vermijdt en bij voorkeur staat in een zin, waar op het verbum finitum nog
een zinsdeel volgt, in tegenstelling met de strekking van het enkelvoudige werkwoord.
Samenvatting der regels voor de zinnen met oude woordorde:
1. Zinnen
met
aanloop zonder inversie en oude woordschikking hebben bijna zonder
uitzondering pronominaal subject.
In zinnen
zonder
aanloop met oude woordschikking is pronom. S. alleen mogelijk
wanneer S. en V. gescheiden zijn door ‘ne’.
2. In de zinnen met oude woordorde streeft het enkelvoudige verbum naar de
laatste plaats. Het samengest. praedicaat vermijdt het zinseinde en streeft naar het
zinsmidden, gelijk oók blijkt uit een veel sterkere neiging tot inversie.
Tevens zijn er aanwijzingen, dat deze syntactische strekking berust op een
rhythmische, nl. het enkelvoudige verbum
wèl
en het samengest. verbum
niet
aan
het
vers
einde te plaatsen.
3. Behalve de reeds genoemde zinsvorm:
/Sinen groten scilt nam
hi
/
heeft de dichter van den Ferguut dus bezwaar tegen zinnen als:
/
Hi
sinen scilt doe nam/
(wèl: /
Ferguut
sinen scilt (doe) nam/).
Behoudens zeldzame uitzondering
1)
, komt ook niet voor een zin als:
/Sinen scilt
Ferguut
nam/
(wèl: Sinen scilt
hi
doe nam
of: Sinen groten scilt
hi
nam).
1) Vgl. blz. 52.
Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 34
Vedere la pagina 45
1 2 ... 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 ... 320 321

Commenti su questo manuale

Nessun commento