214
noemde aanhalingen (Bredero, Moortje en Fr. v. Dorp), waar
rop
en ‘darmen’ in één
adem genoemd worden; verg. ook Winschooten, Seeman 73: ‘Groom, of grom,
vuiligheid, die in de rob, of liever, darmen van de Vissen sit.’
Roppe
,
rop
, ‘ingewanden, darmen’ treft men ook buiten het Nederlandsche
taalgebied aan. Wright in zijn English Dialect Dictionary vermeldt: ‘
Ropp.
Bowels,
intestines; gen. of animals and birds’. Dit in verschillende streken van Engeland
gebruikelijke
ropp
gaat terug op Ags.
ropp
, ‘colon, intestine’ (Sweet), mv.
roppas
,
‘the bowels, inwards, entrails, the raps’ (Bosworth, Compendious Dictionary); verg.
ook de samenstelling
ropweorc
, ‘pain in the bowels, the colic’ (Bosworth).
Hiermede meen ik voldoende te hebben aangetoond, dat ndl.
rob
,
rop
‘vischmaag’
een woord is van Oudgermaanschen oorsprong.
Leiden.
R. VAN DER MEULEN.
Mnl.
toelgen
,
toillien
,
thoillien.
Tot de koopwaren, die de met rijke lading bevrachte schepen van heinde en ver
naar de wijdvermaarde Hanzestad Brugge brachten, behoorde ook een artikel, dat
in de stukken den naam draagt van
toelgen
,
toillien
of
thoillien.
De bewijsplaatsen,
welke men in het Mnl. Wdb. op Toelge of Toillie bijeenverzameld vindt, zijn de
volgende: ‘Centenum piscium qui dicuntur thoillien’, Inventaire des Archives de
Bruges 2, 198. ‘Rochen of toelgen of hayen een d. par.’, Zeeuwsch-Vlaamsche
Bijdr. 5, 48 (Reglement voor de scheepvaart en de heffing der tollen op het Zwin,
van den jare 1252, ontdekt in de archieven van Sluis). ‘Een hondert rochen of toelgen
1 d.’, Als voren, 37 (onder het opschrift: ‘Van alrande vissche’). ‘Van elken vate
oliën, toillien ende sardeynsmoute, van den vate 12 d. sterlinges’, Hanseatisches
Urkundenbuch 1, 158.
Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 34
Commenti su questo manuale